Interseksualiteit

interseksualiteit

 

Men spreekt over interseks condities wanneer mensen in mindere of meerdere mate kenmerken van beide geslachten vertonen. Interseks condities kunnen veroorzaakt worden door een abnormaliteit in de chromosomen of door een ongevoeligheid voor de werking van seksehormonen tijdens de prenatale ontwikkeling. Een deel van deze interseks condities is zichtbaar bij de geboorte aangezien de arts opmerkt dat het geslachtsorgaan een niet-standaard vorm heeft. Hierdoor is het bij de geboorte moeilijk om op basis van de genitaliën een uitspraak te doen over het geslacht van het kind. Andere vormen van interseksualiteit worden pas duidelijk wanneer de geslachtshormonen tijdens de puberteit in werking treden (of net niet).

 

Hoe vaak komt interseksualiteit voor?

 

Het aantal interseksuelen is moeilijk te bepalen aangezien niet alle vormen (meteen) zichtbaar zijn, en omdat er weinig consensus bestaat over welke vormen onder de noemer interseksualiteit vallen. Volgens de ISNA (de Intersex Societry of North America) wordt in 1 op 1500 à 1 op 2000 geboortes een expert in geslachtsverschillen geconsulteerd omdat de uiterlijke genitalia onduidelijk zijn. Maar er zijn veel meer mensen die geboren worden met subtielere vormen van sekse variaties, waarvan sommigen zelfs niet duidelijk zijn tot veel later in hun leven. In het baanbrekend artikel “How Sexually Dimorphic Are We? Review and Synthesis” van Blackless et al. (2000)  is een overzicht terug te vinden van het geschatte aantal interseksuelen. Duidelijk is dat er vele vormen van interseksualiteit bestaan.

 

In de medische wereld spreekt men tegenwoordig van DSD: disorders of sex development (stoornissen in de geslachtsontwikkeling), vaak tot groot ongenoegen van interseks activisten. Zij maken er dan “differences in sex development” van: verschillen in de geslachtsontwikkeling. In Vlaanderen is er geen specifieke intersekse organisatie actief, in Brussel is er de organisatie Genres Pluriels.

 

Interseks en gendertransitie

 

Interseksualiteit staat in principe los van genderklachten. Toch kunnen beide samen voorkomen: bij de geboorte wordt immers voor het kind gekozen in welke geslacht het wordt geregistreerd en dus ook opgevoed. Als het kind later blijk geeft zich eerder in de andere geslachtsrol en identiteit thuis te voelen, dan kan dit aanleiding geven tot een geslachtswissel, medisch en juridisch.

 

Medisch gezien is dit van een andere orde dan in het geval van transgenderisme. En ook juridisch wordt een andere procedure gehanteerd: men gaat in het geval van interseksualiteit er immers van uit dat er bij de geboorteaangifte een verkeerde inschatting van het werkelijke geslacht is gemaakt,  en de geslachtsverandering geldt dus met terugwerkende kracht. Een interseksueel persoon krijgt dus met andere woorden een nieuwe geboorteakte. Dit in tegenstelling tot een transgender persoon: hier wordt in de marge een kanttekening gemaakt, die stelt dat vanaf de datum van inschrijving deze persoon het nieuwe geslacht heeft. Men kan zich afvragen of dit verschil wel te rechtvaardigen valt.